Jaco’s weekjournaal

Ziek

November 26th, 2004

Het is donderdagavond, 23.06 u. en ik vrees voor mijn nachtrust.
Eerst werden de mensen die deze week bij ons in een apartement verblijven ziek. ¿Kip, ei of het water? Het was niet duidelijk. Franka heeft zich een paar dagen liefdevol over hun kleine ontfermd.
Daarna voelde ik mijzelf gisteren halfgaar (ik neem aan de meeste infectueuze gebeurtenissen deel, maar meestal in milde vorm gelukkig). Vanmorgen bij het opstaan zei Franka dat ik niet te wild uit bed mocht stappen omdat zij zich zo beroerd voelde om vervolgens de hele dag doodziek in bed te verblijven. Tenslotte (¿?) begonnen vanavond eerst Tim en daarna Suus met overgeven en hevige diarree in een alarmerend alternerend ritme.
Als we geluk hebben (vooral de zieken, maar ik voel mijzelf niet alléén als liefhebbende vader erg betrokken) zijn Suus en Tim nu leeg.
Zo niet, dan vrees ik nog een aantal keren deze nacht de kinderen te moeten ondersteunen naar de WC, spuugbakken te legen en/of bedden te moeten verschonen.

Van mijn eigen vroeger kan ik mij niet meer zo goed herinneren of dergelijke zorg mij met intense gevoelens van liefde & dankbaarheid voor mijn ouders vervulde.

Ik hoop dat mijn kinderen dat later beter zullen doen.

Barça-Madrid

November 11th, 2004

Komend weekend speelt Barcelona tegen (Real) Madrid. Vandaag las ik hierover in één van de Catalaanse sportkranten dat Madrid niet minder dan 74 jaar “en blanco” is. Dat betekent in genoemde periode geen winst of gelijkspel uit Barcelona heeft weten weg te slepen, gegéven de randvoorwaarde dat Barça op het moment van het bezoek van Madrid aan Barcelona ongedeeld als eerste staat gekwalificeerd in de competitie. (Let ook op de woordspeling: Madrid speelt in het wit en wordt derhalve vaak aangeduid met de term “los blancos.”)

In Nederland hadden wij vroeger John Frederikstadt die, voor eigen genoegen naar ik aanneem, maar ook voor NOS-Studio Sport, Voetbal International en mij alle mogelijke statistieken bijhield over voetbal. De man is geloof ik dood, bovendien nog van het pre-automatiseringstijdperk (schriftjes met ruitjes) waardoor met name de cross-data-analysis een helse klus moet zijn geweest, maar hij stónd zijn mannetje cijfermatig gezien. Menigmaal heb ik mij in het VI-jaaroverzicht urenlang verlustigd aan John’s cijferbrij.
Wat ik mij nu afvraag bij zo’n gegeven als eerder geciteerd: heeft iemand alle cijfers van het Spaanse voetbal van de afgelopen honderd jaar, ¿en hoeveel devisies dan?, in een database gestopt en deze vervolgens zodanig geprogrammeerd dat je op iedere denkbare ingang netjes een uitdraai krijgt? Is er in Spanje misschien ook zo’n John Frederikstadt die wekelijks op zondag/maandagnacht tegen vieren ’s ochtends zijn website heeft bijgewerkt met de antwoorden op ”¿everything you always wanted to know about soccer but never dared to ask?”
Het is namelijk pas dinsdag vandaag. Er moet dus nog vier dagen minimaal 15 pagina’s krant worden gevuld met nieuws over de klassieker die ons zaterdag wacht.
John (postuum) en ik willen graag het volgende weten: Bij hoeveel wedstrijden van Madrid, door generaal Franco persoonlijk bijgewoond, waarin niet door Madrid werd gescoord de eerste vijfenveertig minuten, werd de scheidsrechter in de rust geëxecuteerd nog vóórdat hij zijn eerste slok thee had genuttigd.

¡Wij zullen de sportpers eeuwig dankbaar zijn!

¡PS En Barça heeft gewonnen. Volgend jaar is Madrid 75 jaar “en blanco”!

Asfalt(h)eren

November 5th, 2004

Wij hebben een naodwnod (nieuwe asfaltlaag op de weg naar ons dorp) gekregen. Bij u, lezer, betekent zulks niet meer dan, indien u zo ongelukkig bent de werkers aan de weg aan te treffen tijdens één van de door u te volbrengen bv (belangrijke verplaatsingen), enige tijd oo ( onvoorzien oponthoud). Bij ons is dit anders.
De weg naar ons dorp is grotendeels zo smal dat auto’s elkaar niet kunnen passeren. Laat staan asfalteermachines en vrachtwagens. Dat impliceert dat de weg bij werkzaamheden wordt afgesloten voor alle verkeer behalve voetgangers en fietsers. Om een voorbeeld te noemen: Het transport van- en naar school valt dus gedurende drie dagen stil. Of moet in elk geval improviserend worden opgelost (te denken valt aan het plaatsen van auto’s aan beide kanten van de asfalteertrein).
Bovendien dient de weg voor aanvang der werkzaamheden zo goed mogelijk te worden gereinigd. Bij ons is er voor zulke aktiviteiten om de één of andere reden nooit geld opgenomen in de begroting. (Alhoewel de mij bekende wegenbouwers, waaronder onze voormalige burgemeester, niet direkt de indruk wekken armlastig te zijn. Qua huisvesting, vervoermiddelen en dergelijke. Ik kom echter zelden bij hen over de vloer, misschien zitten ze binnen wel op sinaasappelkistjes op een houtje te bijten.) En dus komt de buurman aankloppen met het verzoek of wij de reinigingsaktiviteiten gezamenlijk, met alle mannen van het dorp, recht van lijf en leden, zullen volbrengen.
Die ene buurman is 72, overigens goed gezond. De andere buurman is 89 en wordt tegenwoordig meestal gepasseerd bij de planning van dit soort werkzaamheden. De volgende buurman is 46, WAO’er en meestal erg druk met zijn eigen werk. De vierde buurman is een buurvrouw en dat telt toch niet zo. De één na laatste buurman wordt door de rest beschouwd als een paria (voor welk standpunt argumenten zijn aan te dragen) en derhalve genegeerd. Rest ons de boer, ons zelfbenoemd opperhoofd, zich zeer verantwoordelijk voelend voor een goede voortgang der werkzaamheden. Dit brengt met zich mee dat zijn toeziend oog geen beweging van wie dan ook, behalve zichzelf, mist.

Door de burgemeester was ons nog haar voltallige buitendienst (onze gemeente bestaat uit 13 dorpen) bestaande uit die ene meneer van gemeentewerken ter beschikking gesteld. Op mijn opmerking dat zijn bezem zich op een gegeven moment wel erg eenzaam begon te voelen, verklaarde hij dat dit werd veroorzaakt doordat zijn baas na een halve ochtend werk te vermoeid was om hem gezelschap te houden.
U voelt hem al aankomen. Ik heb weer eens gedurende een volle week in gezelschap van een 72-jarige met gemengde gevoelens mijzelf ter meerdere verrijking van asfaltheer Luis de rug, polsen, ellebogen en schoudergewrichten kapot staan hakken en vegen.

Het nieuwe asfalt ligt er strak bij, dat zeker. En mocht u onverhoopt deze kant opkomen: gedurende 3′ 27′’ heeft u de tijd om over de verschillen tussen uw en mijn positie op deze wereld te contempleren.

Het asfalt ligt er mooi bij